|
Namibië is een van die parels aan de Afrikaanse kroon waar massatoerisme even schaars is als bouwgrond in Vlaanderen. In het land dat pakweg driemaal zo groot is als Duitsland zitten de 1,8 miljoen inwoners niet bepaald op elkaars lip. Of je nu op je eentje rondzwerft dan wel in internationaal gezelschap rondreist, prachtige panorama’s van roestkleurige duinen, rotslandschappen en uitgestorven vlaktes zullen zich op je netvlies branden. Dankzij een keur aan luxueuze lodges en bescheiden hotelletjes biedt zelfs het dak boven het hoofd voor elk budget wat wils. Centraal in het land ligt de hoofdstad Windhoek, waar talrijke winkels voor een geanimeerd centrum zorgen en de botanische tuin het nodige groen levert. Uiteraard kun je in het Etosha National Park op safari om de big five te spotten. In het westen vind je de langgerekte Namib-woestijn. Aan de kust doemt als in een fata morgana Swakopmund op. Het havenstadje is een erfenis is uit het Duitse koloniale tijdperk en vertrekpunt voor boottochten die je oog in oog brengen met duizenden lome robben en pelikanen. In het Namib Naukluft Park kun je op zoek naar de Welwitchia Mirabilis, een unieke plant die tot tweeduizend jaar oud wordt en overleeft op dauwdruppels. In het zuiden dient de Fish River Canyon enkel de Grand Canyon te laten voorgaan op het lijstje van ‘grootste canyons ter wereld’. Hoeft het gezegd dat een tocht door de canyon behoorlijk indrukwekkend is? Even imposant is de duinengordel Sossusvlei. Niet echt vergelijkbaar met de zandhoopjes aan onze kust, want de duinen zijn zowat 300 meter hoog. Het wisselende zonlicht hult ze in steeds andere schakeringen van oranje en bruin, terwijl de wind een gevarieerd lijnenspel tekent in het zand. Nambië is een land met vele gezichten, die allemaal van een even grootse natuurlijke schoonheid zijn.
|